Het is ruim zeventig jaar na de geboorte van Jezus
als de evangelist Lucas zijn ganzenveer oppakt
en verder schrijft aan zijn boekje over Jezus.
Hij schrijft dat boekje voor een “goede vriend” van hem, Theofilus,
 wat betekent ‘vriend van God'.
En door hem te schrijven ordent Lucas zijn herinneringen aan Jezus.
Het is een spannende onderneming: 
¿ want wat vertel je wel en wat niet?
Lucas heeft er dan ook lang mee gewacht.
Hij schreef zijn evangelie niet toen Jezus rondtrok,
als een ooggetuigenverslag.
Nee, Lucas vertrouwde zijn woorden pas toe aan het perkament
toen Jezus al lang ten hemel was gevaren
nu inmiddels veertig jaar geleden.
Lucas is in Jeruzalem als hij aan Theofilus schrijft.
De Joden hadden zich jaren geleden verzet
tegen de overheersing van de Romeinen.
De opstand die in het jaar 66 (volgens onze jaartelling) begon,
is vier jaar later door de Romeinse overheerser bloedig neergeslagen.
Lucas loopt langs ingestorte huizen, de verbrande gebouwen
en van de tempel staat bijna geen steen meer op de ander.
Het is een complete ruïne, een stad zonder hart.
Het leven is er gewoonweg uitgerukt.
Het doet Lucas denken aan wat er met Jezus zelf gebeurd is:
als een sierlijke boom was Hij geplant in de tuin van Israël,
een prachtige boom, boordevol vruchten en met een dak van bladeren waaronder je beschutting en verkoeling kon zoeken.
Maar toen kwam de winter, de bladeren vielen af, en de takken werden een prooi van de elementen, van storm en bliksem.
Het leven werd geknakt, hij was als een kale, lege boom, levenloos.
Maar toen alles voorbij leek, bleek zijn einde geen einde te zijn,
maar een voorgoed begonnen ....begin.
Het lijden van Jezus ... en zijn dood werd de weg naar het leven.
Het kruis werd een levensboom. ...... Jezus leeft!
En dan herinnert Lucas zich wat Jezus zei toen ze in Jeruzalem waren ....en hij voorspeld had hoe het met stad zou aflopen.
Hij zei: "Als donkere wolken zich samenpakken en het einde nabij is,
kijk dan eens naar de vijgenboom, midden in de winter als hij helemaal kaal is, worden zijn takken zacht en week, nieuwe knoppen ontluiken.
Dit zijn de beloften van het nieuwe leven, ...
het tintelt van levenskracht."
En - denkt Lucas bij zichzelf -
het waren juist die woorden ... die mij weer hoop gaven.
Die woorden gaven opnieuw zicht op God en op zijn koninkrijk, ......
het komt vaak ongemerkt.
En de hoop gloeide weer op: .....  zou die God die we in Jezus
leerden kennen, ¿ er vandaag ook nog zijn?
¿ Ondanks de rampspoed die ons nu treft?
Maar Lucas, maar dat woord van Jezus, ... 
dit geslacht zal niet voorbij gaan voordat dit alles gebeurd is.
Je bent nu al weer veertig jaar verder,
een generatie later, wat Jezus voorspeld heeft,    ¿ dat klopt toch niet?
En misschien zou Lucas antwoorden:
"Inderdaad leefden we als de eerste generatie christenen
met de gedachte:    .... binnenkort zal de Heer terugkomen,
wij zullen dat zelf nog meemaken."
...  Maar andere vrienden van mij zagen het anders.
De komst van de Messias liet op zich wachten.
Het liep anders dan we hadden verwacht.
Er brak een heel nieuwe periode aan.
We moesten leren vertrouwen op God, .....
die op een nieuwe manier met ons meeging.
Die ons de weg zou wijzen in een wereld
die een langere geschiedenis kreeg,
die niet plotseling ten einde was,
maar die verder ging, ..... een nieuwe eeuw in.
Dus je geloofd niet meer in de komst van de Messias,
¿ gewoon zoals Jezus dat had voorspeld?
Nou, ik zal eerlijk gezegd ...    dat is best lastig.
We moesten ons inderdaad instellen op een hele nieuwe situatie.
Meer en meer groeide de gedachte
dat wij niet anders kunnen geloven
dan door telkens opnieuw de woorden van Jezus
te vertalen naar die nieuwe situatie.
We gingen beseffen, dat deze tijd, onze generatie, ...  niet de enige generatie zal zijn die de Messias verwacht.
Misschien gaat dat dus wel generaties lang door.
Wij zullen telkens opnieuw de generatie zijn die het wachten op de Messias voor zijn rekening neemt. .........
........   Tot zover Lucas.
We stappen het nu, ....  het heden in.
Ik denk, dat ik het er wel een beetje mee eens ben.
Je hoeft er dus helemaal geen slecht geweten bij te hebben
als je nu ontdekt  vele jaren later; ....
dat de voorstellingen en de beelden uit de bijbel
niet in krantentaal kunnen worden omgezet.
Die gedachte getuigt niet van gebrek aan geloof of minachting,
maar juist van respect voor de manier waarop de bijbel spreekt over geloof.
De bijbel geeft geen scenario van het wereld-einde.
Al die mensen die dat steeds weer aangeven: ...
dan en dan gebeurt het, ze hebben het mis.
De vraag is niet:
¿ Hebben Jezus en zijn eerste volgelingen het fout gezien?
Waar het om gaat is: leef je in de gemeente,
leef je als gelovige met de Levende, de opgestane Heer ...
en verwacht je hem?
Als je die vraag niet meer stelt, dan verslap je, .....sluit je je ogen,
dut je in, omdat je bang bent voor alles wat komt, ....
of omdat je berust in de situatie.
Dan geloof je nog wel, maar meer in: het zal mijn tijd wel duren.
Ik denk dus dat die woorden van Jezus belangrijk blijven.
Ook al leef je in een heel andere tijd.
De woorden van Jezus over het verwachten van de Messias,
vormen het gewicht aan de klok
dat het uurwerk op spanning houdt.
Ik moet denken aan de woorden van Maarten Luther:
"Als morgen het koninkrijk aanbreekt,
plant ik vandaag een appelboom".
Hij bedoelde:
leven met de verwachting van de komst van Christus
maakt geen wereldvreemd mens van je.
Je leeft in deze wereld met je zorgen voor en je zorgen om.
En dus maak je je zorgen om de rampen die zich voltrokken.
Schaam je je rot als regeringsleiders geen besluiten durven nemen om het klimaat te redden en de zorg dat een nieuwe generatie ook tijd van leven krijgt.
Verbaas je je dat iedereen maar doorleeft,
meer en meer consumeert, ......alsof er niets aan de hand is.
Of misschien bent u wel in de war over de discussie over de wetswijziging over euthanasie ....
of verontrust je je over wat “de kerk” over dit of dat zegt.
Nou, neemt u maar van mij aan: er is nadat Lucas zijn evangelie schreef in elke generatie een heleboel gebeurd:
rampen hebben zich voltrokken,
mensen hebben van alles beweerd over God
en over zijn kerk en wereld.
Maar telkens weer bleek dat de bijbel alles overleefd heeft
en de woorden die daarin staan levende woorden blijken te zijn.
Als wat mensen verzinnen dwalingen zijn, ....
dan zullen ze weer verdwijnen net zoals ze gekomen zijn.
Inderdaad:   "hemel en aarde verdwijnen,
maar mijn woorden blijven".
Waar het om gaat is dat Christus de komende is.
Hij is opgestaan .... en hij leeft .....
en kan niet meer doodgemaakt worden.
Wat de mensen ook zeggen, wat voor rampen ook zich voltrekken
en hoeveel mensen ook zonder hem leven.
Als christen leven betekent meer:   ‘dan dat je later in de hemel komt’.
Het maakt je waakzaam.
Het geeft een nieuwe kijk op de harde werkelijkheid.
'Als je hoort van oorlogen, .... van honger, .....van aardbevingen en
als alles op de helling gaat
en je alle hoop wilt opgeven,........ wees dan niet bang.
Weet dat het zo wel móét gaan .....in een wereld waar de mensen onderwerpen zijn van harde feiten.'
............ Advent betekent ‘komst'.
De komst van het koninkrijk betekent dat uiteindelijk het onderscheid tussen hemel en aarde zal verdwijnen.
Het zal een hemel op aarde zijn...............
En advent vieren is: niet de duisternis vervloeken,
maar een kaars in de duisternis aansteken.
..........Een heel klein kwetsbaar teken.
Zoals een glas water schenken voor iemand die dorst heeft.
Het is net als met de zon: voordat hij opkomt, werpt hij zijn stralen al vooruit.
Zo is de komst van Jezus nu al merkbaar.
Hij is nu al met ons bezig in deze wereld door zijn Geest.
Wat ik bedoel is: soms kun je toch echt weten dat Jezus er is.
Dan valt er een zware last van je ziel.
Je windt je niet meer zo vreselijk op over allerlei gedoe,
en je probeert je medemens
het leven wat gemakkelijker te maken.
"Als morgen de wereld vergaat, plant ik vandaag een appelboom".
Luther wilde alleen maar zeggen:
Jezus is morgen niet anders dan vandaag.